Wie is verantwoordelijk voor verlof tbs'ers?

Wie is eigenlijk verantwoordelijk voor het TBS verlof van een terbeschikkinggestelde? Hoe verloopt de aanvraag?

Verantwoordelijke instanties TBS

De minister van Justitie heeft de verantwoordelijkheid voor een 'tijdige, effectieve, rechtmatige en doelmatige tenuitvoerlegging van de strafrechtelijke tbs-maatregel'(Kamerstukken II, 2001 - 2002, 24587, nr. 75, p. 9). Op grond van deze verantwoordelijkheid is hij bevoegd om tbs-verlof te geven en in te trekken. De minister is dus de eindverantwoordelijke. Voordat de minister kan beslissen over het verlof van een tbs-gestelde wordt echter eerst een heel traject afgewerkt.

De kliniek waar de tbs-gestelde verblijft kan een verlofaanvraag uitbrengen. De behandelco├Ârdinator bespreekt de aanvraag met een multidisciplinair behandelteam, waarna de verlofsaanvraag wordt opgesteld. Deze aanvraag wordt hierna besproken in de zogenaamde centrale verlofsvergadering of verlofcommissie van de kliniek. Na deze consensusbespreking wordt de verlofaanvraag naar de Verlofunit van de Dienst Justitiele Inrichtingen (DJI) gestuurd. Het verlofunit beoordeelt dan of de aanvraag voldoet aan de procedurele vereisten van het Verloftoetsingskader TBS. Als hieraan wordt voldaan en de stukken compleet zijn, zendt de Verlofunit de stukken naar het Adviescollege Verloftoetsing TBS (AVT). Indien stukken ontbreken, worden deze bij de kliniek opgevraagd. De uiteindelijke adviezen worden naar het hoofd van de Verlofunit gestuurd die namens de minister van Justitie de uiteindelijke beslissing neemt. Als het college negatief heeft beslist, moet het hoofd van de Verlofunit dit advies echter wel overnemen. Het hoofd kan wel, als een positief advies wordt uitgebracht, hier gemotiveerd van afwijken.

Hieronder wordt verdere informatie over het AVT gegeven.

Het Adviescollege Verloftoetsing TBS

Het AVT toetst sinds 1 januari 2008 alle door de Forensisch Psychiatrische Centra (FPC's) ingediende aanvragen voor verlof van tbs-gestelden. In 2008 beoordeelde het college al 1340 verlofaanvragen. In 2009 waren het er al 1482, waarbij 1293 positieve adviezen en 93 negatieve adviezen werden gegeven. Zesennegentig verlofaanvragen werden aangehouden met het verzoek om aanvullende informatie. Het college bestaat uit een voorzitter, tenminste negen forensische psychiaters en psychologen, drie juristen en een adviseur op het gebied van risicotaxatie. De selectie van psychiaters en psychologen is als volgt opgebouwd: drie leden worden geselecteerd uit het Nederlands Instituut voor Psychiatrie en Psychologie, drie leden worden geselecteerd uit de FPC's en drie leden worden vanuit de forensische psychiatrie, niet werkzaam binnen de FPC's (dit gaat via de GGZ Nederland) gehaald. Ze worden door de minister voor drie jaren benoemd en kunnen eenmaal voor twee jaar worden herbenoemd. De minister kan ook de leden ontslaan wegens 'ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden'. De leden kunnen ook op eigen verzoek worden ontslagen. Het college is een onafhankelijk orgaan, dat inhoudt dat het bij het uitbrengen van advies geen aanwijzingen krijgt van de minister of enig ander persoon of orgaan. Verder zijn de psychiaters en psychologen die werkzaam zijn bij het college onafhankelijk van hun eigen instelling. De juristen die bij het college werken zijn afkomstig uit de rechterlijke macht. De vestiging van het college in Utrecht zou ook de onafhankelijkheid moeten benadrukken.